Werken aan gemaal Leemans terwijl de pompen blijven draaien

In verband met de vernieuwing van de Afsluitdijk waren er ook aanpassingen aan de uitstroomconstructie van gemaal Leemans bij Den Oever noodzakelijk. De werkzaamheden, uitgevoerd door bouwconsortium Levvel (BAM, Van Oord, Rebel en Invesis) in opdracht van Rijkswaterstaat en Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK), zijn afgerond. Op 20 december 2022 heeft Levvel de uitstroomconstructie weer aan HHNK overgedragen.

Gemaal Leemans bij Den Oever zorgt al meer dan 90 jaar dat de Wieringermeer droog blijft. Sinds 1997 wordt het brakke water van de polder door een 1.100 meter lange afvoerleiding over de bodem van het IJsselmeer richting de Afsluitdijk afgevoerd. Daar stroomt het water de Waddenzee in. Omdat we de Afsluitdijk hoger en breder maken, zou de oude uitstroomopening onder de dijk verdwijnen. Daarom hebben we de uitstroomconstructie verlengd. Meer weten over die aanpassingen? Lees dan dit artikel.

Samen doelen stellen

HHNK stelde als eigenaar van gemaal Leemans het eisenpakket voor de aanpassing van de uitstroomconstructie op. Zo moest de uitstroomconstructie een technische levensduur van minimaal 100 jaar hebben en mochten de onderhoudskosten niet hoger zijn dan in de bestaande situatie. Levvel is verantwoordelijk voor het ontwerp en de bouw van deze nieuwe uitstroomconstructie. Als opdrachtgever zorgde Rijkswaterstaat ervoor dat de partijen, met soms uiteenlopende belangen, op één lijn kwamen. ‘Ik bracht mensen bij elkaar om gezamenlijke doelen te stellen’, vertelt Bram Beijer, die als civiel ingenieur namens Rijkswaterstaat betrokken was bij de werkzaamheden. ‘In dit project begrepen alle betrokkenen dat de Afsluitdijk versterkt en vernieuwd moet worden. En dat we daarom de uitstroomconstructie van het gemaal moesten aanpassen. Dit was ons gezamenlijke doel.’

Balans zoeken

De focus op dat gemeenschappelijke doel hielp bij het ontwerpen van de nieuwe uitstroomconstructie. De partijen moesten daarbij een balans zoeken tussen de bouwfase en de periode na afronding van de werkzaamheden. ‘Een ontwerp dat relatief makkelijk te bouwen is, kan voor ons lastiger, en daarmee duurder, zijn om te onderhouden’, licht Ralph Kramer, de verantwoordelijke bij HHNK, toe. ‘Beijer zorgde ervoor dat er een ontwerp kwam waarin alle betrokkenen het konden vinden.’ Ook de ondersteuning van de door HHNK ingeschakelde Frans de Haan kwam hierbij van pas. ‘De oude constructie van de uitstroom is zijn kindje, omdat hij de projectleider van de bouw was’, vertelt Beijer. ‘De Haan kent alle contractuele en technische details en kan daardoor goed schakelen tussen verschillende partijen.’

Uitdaging in de praktijk

Omdat het gemaal zo veel mogelijk in bedrijf moest blijven, hadden de partijen dagelijks contact over de werkzaamheden. ‘We clusterden bijvoorbeeld de werkzaamheden met duikers of pontons in de uitstroom, zodat het gemaal veel mogelijk in bedrijf kon blijven’, aldus Kramer. HHNK zorgde er dan voor dat de werkzaamheden in de vroege ochtend konden starten. Aan het eind van de werkdag startte het hoogheemraadschap het gemaal weer op om de achterstand weg te malen. Kramer: ‘Dat vergde veel coördinatie. Bovendien legden de extra bedieningsacties op locatie een groot beslag op de collega’s van HHNK.’ Beijer onderschrijft die uitdagingen en inspanningen: ‘We mogen er met z’n allen trots op zijn dat we de werkzaamheden konden uitvoeren én dat het gemaal zijn primaire functie kon blijven vervullen. Dit had niet gekund, zonder de soepele samenwerking.’

Klaar voor de volgende eeuw

Nu de werkzaamheden zijn afgerond heeft gemaal Leemans een robuuste uitstroomconstructie die de gevraagde afvoercapaciteit aankan. Die constructie is bovendien zo gerealiseerd dat het hoogheemraadschap hem veilig kan onderhouden. En dat alles binnen de tijd die we voor ogen hadden. Beijer: ‘Dat is ons gelukt omdat alle partijen zich telkens realistisch en meedenkend hebben opgesteld.’

Nieuwsarchief